menu
6 december 2019

Groot-Eindhoven 100 jaar: Gestel was vooral een groot lint

EINDHOVEN - Annexatie was onontkoombaar. Honderd jaar geleden was Eindhoven met de vijf omliggende dorpen al één groot stedelijk gebied. Maar een chronisch gebrek aan samenwerking leidde tot onderlinge spanningen. 

In Het ontstaan van Groot-Eindhoven 1890-1920 beschrijft dr. F.A.M. Messing dat er nauwelijks intergemeentelijke wegen waren aangelegd. Elk van de zes gemeenten had een eigen politiekorps, waardoor dieven en landlopers soms een paar honderd meter moesten lopen om aan vervolging te ontkomen.

Nou was 'korps' voor de gemeente Gestel en Blaarthem een groot woord. Er was één veldwachter, weet Messing. Dat moet Franciscus (Swô) van Dijck geweest zijn. We vinden hem in het fotoboek Oud Gestel van J.C. Jegerings. Aangesteld in 1892 voor een jaarwedde van 300 gulden was hij verantwoordelijk voor de handhaving van sluitingstijden van de 28 cafés aan de Hoogstraat en Laagstraat. Tegen sluitingstijd om middernacht riep hij bij De Rooie Bol: ,,Kees, de hoogste tijd!'', waarop de kastelein antwoordde: ,,Ik weet er alles van'', de cafédeur sloot en met zijn klanten in de keuken verder ging.

Benieuwd naar het hele verhaal?
Lees hier het artikel op ED.nl

Terug